ICT-Onderwijs

Het onderwijs op de CNS is modern en eigentijds.

We hebben voor de kinderen laptops en Chromebooks beschikbaar.
De kleutergroepen hebben de beschikking over een tablet. (1 per groep)
Alle 15 lokalen beschikken over een digitaal schoolbord. (digibord)

Uitgangspunten:
- laptops en Chromebooks zijn een middel, geen doel
- kinderen in jonge groepen (1 t/m 5) maken beperkt gebruik van dit middel
- kinderen in groep 6 t/m 8 maken dagelijks gebruik van een laptop of Chromebook

We willen dat de kinderen computervaardig zijn als ze de school na groep 8 verlaten.

Dit houdt in dat ze:

  • …..een werkstuk kunnen maken in Word. De kinderen van groep 5 oefenen dit met de modules van de cursus “Word 2016”.
  • …..halverwege groep 6 een presentatie kunnen maken m.b.v. PowerPoint. Daarvoor oefenen ze met de modules van de cursus “PowerPoint 2016”.
  • …..aan het eind van groep 7 blind kunnen typen. We gebruiken daarvoor de typecursus Typetuin. Aan het begin van het schooljaar krijgen de ouders van groep 7 meer informatie over deze typecursus, waarbij we verwachten dat de kinderen zowel op school als thuis regelmatig oefenen. De kosten van de typecursus worden door school betaald.

Daarnaast wordt in de hoogste groepen aandacht besteed aan het gebruik van social media.

We gebruiken op school software die bij de methodes past.
De kinderen met een dyslexieverklaring krijgen van school een laptop, zij werken hierop met het compenserende computerprogramma Kurzweil.

De kinderen van groep 3 krijgen een koptelefoon van school.
De kinderen van groep 4 en 5 krijgen van school een ‘in-ear telefoon’ in een etui, om te gebruiken bij Chromebook of laptop. Als deze door normaal gebruik stuk gaat, zorgt school voor een nieuwe, in andere gevallen vragen we de ouders een nieuwe te kopen.

De kinderen van groep 6 t/m 8 gaan de komende jaren wat meer digitaal werken. Zij hebben nog ‘oortjes’ van voorgaande jaren. Als deze stuk gaan, of als de kinderen het prettiger vinden om iets anders te hebben, vragen we de ouders van groep 6 t/m 8 om zelf oortjes of een koptelefoon voor hun kind aan te schaffen.

 

Het gebruik van internet:

ictWe willen de kinderen toerusten voor het gebruik van internet. Dit houdt in dat we hen begeleiden, d.w.z. hen leren wat bruikbaar is, maar ook wijzen op de gevaren. Dit heeft natuurlijk gevolgen voor de praktijk. Leerlingen mogen via Google informatie opzoeken. We hebben een internetprotocol opgesteld met voor kinderen en leerkrachten duidelijke afspraken. (zie de schoolgids)

 

Mediawijsheid en sociale media:

Mediawijsheid is binnen het onderwijs een competentie die tegenwoordig niet meer weggedacht kan worden. Internet, Whatsapp, Tik Tok, Snapchat, Facebook, Instagram….het zijn online platforms waar veel leerlingen zich op begeven. Het begrip mediawijsheid omvat volgens Mediawijzer.net 10 competenties, die zorgen dat een leerling begrip heeft van media, er gebruik van kan maken, ermee kan communiceren en het strategisch kan inzetten. Een leerling wordt als mediawijs gezien wanneer deze de 10 competenties beheerst.

Sociale media bieden veel mogelijkheden voor leerlingen om mee te leren, informatie te vinden en te communiceren. Het zijn onmisbare tools voor hun sociale leven, op school en later op het werk. Tegelijkertijd brengen sociale media ook veiligheidsrisico’s met zich mee zoals cyberpesten, sexting en ongewenste verspreiding van beeldmateriaal.

Ook bij ons op school leeft een groeiende behoefte en noodzaak om hieraan aandacht te schenken. Dat is niet vanuit het standpunt om kinderen te wijzen op gevaren en bedreigingen die op hen afkomen, maar om kinderen de kans te bieden om goed met media om te gaan. De tijd van passief internetgebruik is voorbij. Onze kinderen groeien op als mediagebruikers die actief deelnemen en zelf informatie aanbieden. Ons beleid bij mediawijsheid is erop gericht om kinderen toe te rusten met kennis en vaardigheden over de nieuwe media. Op deze manier gaan kinderen wijs met nieuwe media om, weten zij wat zij wel en niet op internet kunnen doen en dragen we bij aan het voorkomen van problemen,  zoals ‘digitaal pesten’.

Als school denken we erover na hoe we hier in de bovenbouw structureel aandacht aan kunnen besteden. Daarnaast verwachten we dat ouders hun kinderen in de thuissituatie op dit gebied begeleiden en vormen.
Voor het pesten via Whatsapp of andere media buiten school om, kunnen wij als school niet verantwoordelijk worden gesteld. Tegelijk krijgen we hier als school wel mee te maken. Mocht dit voorkomen, dan zoeken we in de communicatie met de ouders naar samenwerking en maken we het in de klas bespreekbaar.

Een eigen website en mailadres

We zijn op Internet te zien met een eigen website: www.cnsstaphorst.nl
Paul de Wee zorgt er voor dat regelmatig nieuwe informatie te zien is.
Ons algemene mailadres: Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.
Alle leerkrachten hebben een eigen mailadres: eerst de voornaam en dan @cnsstaphorst.nl